Spanje

Zomerexcursie: Santiago de Compostela

Het feit dat de lowcost-luchtvaartmaatschappijen de laatste jaren steeds meer binnenlandse vluchten uitvoeren, maakt het ons als inwoner van de provincie Ali­cante mogelijk om ook de wat verder weg gelegen delen van Spanje te verkennen zonder dat we daar eerst een hele dag voor achter het stuur moeten zitten. Santiago de Compostela is een voorbeeld van een bestemming die prima geschikt is voor een trip van een paar dagen, zeker nu het hier warm wordt en daar lekker weer is.Santiago de Compostela ligt in het uiterste noordwesten van Spanje, op meer dan duizend kilometer van Alicante. Maar sinds Vueling meerdere keren per week een di­recte vlucht uitvoert tussen Alicante en San­tiago, is deze boeiende stad én heel Galicië opeens een stuk dichterbij gekomen. Binnen een paar uur bent u in een compleet andere wereld, een wereld van groene heuvels, grazende koeien, grillige oceaankusten en veel historie.

Santiago de Compostela is vooral bekend als pelgrimsoord. Dagelijks komen ontelbare pelgrims aan in deze stad, nadat ze een afstand van honderden of soms zelfs duizenden kilometers hebben afgelegd, te voet of op de fiets. De aanwezigheid van deze pelgrims geeft de stad meteen al een heel eigen sfeer. U moet daarbij niet denken aan iets religieus. Hoewel er elke dag een speciale mis voor de pelgrims in de kathedraal wordt gehouden en deze kathedraal zich dan vult met drommen, in sportieve kleding gehulde mensen, heeft maar een klein deel van de pelgrims een religieuze motivatie als hij of zij aan de lange tocht begint. De meerderheid ziet het als een sportieve prestatie, of men wil met zichzelf in het reine komen, tijd hebben om na te denken of juist andere mensen ontmoeten. Maar wat de reden ook is, allemaal zijn ze trots en blij als ze in Santiago aankomen en die positiviteit straalt er vanaf als ze in groepjes op het plein voor de kathedraal op de grond zitten of zich in een tapasbarretje te goed doen aan een biertje en de heerlijkste hapjes.Het aantal pelgrims is in de laatste halve eeuw enorm gestegen en dat heeft Santiago de Compostela geen windeieren gelegd. Er stroomt veel geld binnen en dat wordt onder meer aangewend om het historische centrum op te knappen. De toerist profiteert daarvan, want het oude centrum be­staat uit mooie, oude straatjes, met veel voorname panden, kerken, kloosters en musea. Enkele tientallen jaren geleden was de kathedraal van Santiago een zwartgeblakerd geheel van hoge torens en bewerkte portalen. Nu worden deze torens en portalen beetje bij beetje schoongemaakt: een gigantisch karwei, waarover een mooie tentoonstelling te zien is in het kathedraalmuseum. Het jammere is wel dat het hoofdportaal en één van de torens momenteel in de steigers staan.Santiago de Compostela is geen grote stad en het was ook niet altijd een belangrijke stad. Pas toen in de negende eeuw de beenderen die volgens de overlevering van de apostel Jakobus waren op een heuvel in Galicië gevonden werden en daar vervolgens een kapel verrees, werd de plaats een pelgrimsoord en begon te groeien. Tegen­woordig is Santiago de Compostela de hoofdstad van?Galicië maar met haar minder dan honderdduizend inwoners is ze veel kleiner dan de havensteden La Coruña en Vigo.Op de plaats van de genoemde kapel staat nu de enorme kathedraal, die de hele dag geopend is en beslist moet worden bezocht. Sommige delen, zoals een achterin gelegen kapel, zijn duizend jaar oud. U moet beslist ook de crypte bezoeken en een blik werpen op de botafumeiro, het grootste wierookvat ter wereld, dat aan een touw hangt. Op feestdagen en bij speciale vieringen wordt dit enorme vat heen en weer geslingerd.U betreedt de kathedraal doorgaans via een deur op de Plaza Praterías, van waar u ook het mooiste zicht heeft op de klokkentoren. Dit jaar is het echter ook mogelijk om de kathedraal binnen te komen via de mooie bronzen reliëfdeuren aan de achterkant, die alleen open zijn in kerkelijke jubileumjaren.De voorkant van de kathedraal, die dus deels in de steigers staat, bevindt zich aan de grote Plaza de Obradoiro, waaraan ook het stadhuis en het parador Reyes Católicos gelegen zijn. Dit zestiende-eeuwse gebouw was eerst een ziekenhuis en later een onderkomen van pelgrims. Momenteel overnachten er alleen mensen met een zeer goed gevulde portemonnee maar overdag zijn er wel momenten dat het fraaie gebouw te bezichtigen is.Het is aan te raden in het toeristische informatiekantoor in de sfeervolle Rúa do Vilar een plattegrond van de stad te halen en de aangegeven wandelroute door het centrum te volgen. Deze duurt ongeveer twee uur en ze brengt u langs de fraaiste panden, pleinen en uitzichtpunten. De route loopt onder meer langs de Puerta del Camino, de plek waar de pelgrims de stad binnenkomen en het is zelfs voor ons niet-pelgrims leuk de laatste honderden meters via de officiële route naar de kathedraal te lopen en in het plaveisel van de straat het symbool van de Sint-Jakobs­schelp te zien. Het is ook aan te raden en het vlak naast het centrum gelegen park Ala­meda te bezoeken. Behalve dat het hier heerlijk wandelen is onder eeuwenoude bomen, heeft u er schitterende uitzichten op de stad met haar vele kerktorens.Na al die cultuur, begint de maag natuurlijk te rammelen en dus wordt het tijd om naar de Rúa do Franco te wandelen, een lange, smalle straat met ontelbaar veel restauran­­­t­jes. Natuurlijk zijn erbij die gebruik maken van de onwetendheid van de toeristen en veel geld vragen voor weinig kwaliteit. Maar er zijn ook hele goede tentjes bij waar men allerlei kleine hapjes, met specialiteiten zoals de regionale zeevruchten, kazen en wijnen voor redelijke prijzen kunt nuttigen. Vergeet niet de ‘Vieira’ (schaaldier) en zijn kleinere broertje ‘Zamburiña’ te proberen, de ‘queso de tetilla’ en de regionale witte wijnen zoals Albariño en Ribieiro. Om een idee te krijgen, kunt u een kijkje nemen in de overdekte markt die ook op de route van de stadswandeling ligt. Bij de koffie probeert u natuurlijk een punt van de ‘Tar­ta de Santiago’, het amandelgebak dat in vrijwel elke etalage tentoongesteld wordt.En omdat er in Galicië nog veel meer moois te zien is, zet ik de ...
+